Mijn naam is Bente. In 2019 kreeg ik officieel de diagnose anorexia nervosa. Als we het hebben over herstel van een eetstoornis, denken we al snel aan alles wat je weer terugkrijgt. Maar wat als juist die dingen waar je zo naar verlangt, je ook bang maken Weer naar school kunnen, afspreken met vrienden, werken, lachen en genieten van het leven. Natuurlijk wilde ik dat ook. Alleen was het voor mij niet zo eenvoudig.
De dingen waar ik naar verlangde, maakten me juist bang
Tijdens mijn eetstoornis dacht ik vaak: “Voor wat doe ik het eigenlijk nog? Waarom zou ik gaan eten?” Mijn gezonde kant wist heel goed wat eten mij zou opleveren. Ik zou mijn leven weer kunnen oppakken. Ik zou weer naar school kunnen, geld kunnen verdienen en leuke dingen kunnen doen met familie en vrienden. Maar mijn eetstoornis maakte van al die mooie doelen juist iets spannends.

Ik wilde wel naar school, maar niet de stress van toetsen en examens. Ik wilde mijn vrienden en familie graag zien, maar was bang dat ik hen opnieuw zou teleurstellen. Ik wilde wel werken, maar niet weer het gevoel hebben dat ik niet goed genoeg was. Juist de dingen waarvoor ik wilde herstellen, waren tegelijkertijd de dingen waar ik het meest bang voor was. Dat maakte herstel ontzettend ingewikkeld. Mijn eetstoornis beschermde me op een vreemde manier tegen die gevoelens. Daardoor voelde eten niet als een stap vooruit, maar juist als een stap richting alles waar ik bang voor was.
twee mini-varkentjes als doel
Mijn herstel ging daarom jarenlang met vallen en opstaan. Tot mijn ouders en behandelaren met een heel ander idee kwamen. Als klein meisje droomde ik al van mini-varkentjes. Mijn ouders wisten dat als geen ander. Op een dag zeiden ze tegen mij: “Bente, als jij twee weken lang zonder sondevoeding en zonder Nutridrink kunt eten, dan mag jij een mini-varkentje.” Ineens had ik een doel dat niets te maken had met school, werk of verwachtingen. Het was geen doel waar angst aan vastzat. Het was iets waar ik alleen maar blij van werd.
Dat betekende niet dat het ineens makkelijk was. Integendeel. Het kostte ontzettend veel moeite en uiteindelijk duurde het nog een tijd voordat ik mijn biggetjes daadwerkelijk kon ophalen. (Ja, biggetjes, want één varkentje houden is zielig, dus het werden er twee.) Toch gaf het mij iets om naar uit te kijken. Terwijl ik nog midden in mijn herstel zat, verzon ik alvast namen. In mijn hoofd bouwde ik hun verblijf al helemaal. In het ziekenhuis keek ik urenlang filmpjes van mini-varkentjes. Op dagen waarop alles zwaar voelde, hielp dit zo erg!
Mijn mini-varkentjes brengen anderen geluk
Nu, jaren later, kan ik zeggen dat ik mijn eetstoornis onder controle heb. Ik geniet weer van het leven. En misschien wel het mooiste: mijn mini-varkentjes betekenen inmiddels niet alleen iets voor mij. Samen bezoeken we regelmatig verpleeghuizen in de Achterhoek. Daar zorgen ze voor glimlachen, gesprekken en ontroerende momenten bij ouderen met dementie. Soms vind ik het bijna niet te bevatten dat iets wat ooit mijn motivatie was om te herstellen, nu zoveel geluk brengt aan anderen.

Naast mijn werk met de varkentjes geef ik gastlessen aan studenten van zorgopleidingen. Als toekomstig zorgverlener komen zij misschien ooit iemand met een eetstoornis tegen. Daarom vind ik het belangrijk om niet alleen mijn eigen verhaal te delen, maar ook aandacht te besteden aan iets waar volgens mij nog veel te weinig over wordt gesproken: de invloed van social media.
De invloed van social media
Tijdens mijn eetstoornis wist ik eigenlijk heel goed dat ik bepaalde filmpjes en foto’s beter niet kon bekijken. Toch bleef het algoritme mij steeds opnieuw eetstoorniscontent laten zien. Foto’s van veel te dunne lichamen, filmpjes waarin mensen lieten zien hoe slecht het met hen en de eetstoornis ging of berichten die mijn eetstoornis alleen maar verder voedden. Mijn gezonde kant wist dat ik zulke berichten moest blokkeren of rapporteren, maar mijn eetstoornis wilde blijven kijken. Dat maakte die content zo gevaarlijk.
Inmiddels kijk ik daar gelukkig anders naar. Toch merk ik soms nog wat zulke beelden met me doen als ze onverwacht voorbijkomen. Juist daarom vertel ik de studenten hoe schadelijk dit soort content kan zijn voor mensen die midden in een eetstoornis zitten. Ik moedig hen aan om zulke berichten te rapporteren en zich bewust te zijn van de invloed die social media kan hebben op herstel. Als toekomstige zorgverleners kunnen zij een belangrijke rol spelen in het herkennen en bespreekbaar maken van dit onderwerp.
Wat ik wil meegeven
Als ik terugkijk op mijn herstel, heb ik één belangrijke les geleerd: soms hoef je niet te herstellen voor alle grote dingen in het leven. Soms is één klein, positief doel genoeg om de eerste stap te zetten. Voor mij waren dat twee mini-varkentjes. Misschien is jouw motivatie iets heel anders. En dat is helemaal oké. Zolang het maar iets is waardoor jij voorzichtig weer vooruit durft te kijken. Want soms begint herstel niet met een grote droom, maar met iets kleins dat je weer laat geloven dat er een toekomst is.
En als ik nu met mijn twee varkentjes een verpleeghuis binnenloop en zie hoe bewoners beginnen te glimlachen, dan besef ik hoe bijzonder herstel kan zijn. Iets wat ooit mijn motivatie was om te blijven eten en door te zetten, brengt nu ook anderen geluk. Dat had ik tijdens mijn donkerste dagen nooit durven dromen. Juist daarom geloof ik dat herstel, hoe onmogelijk het soms ook voelt, altijd de moeite waard is.
Kom bij Proud2Bme gratis en anoniem in contact met lotgenoten, ervaringsdeskundigen, psychologen en diëtisten. Op ons forum kun je jouw verhaal delen en/of vragen stellen. Ook kan je dagelijks met ons chatten (de agenda vind je hier). Wij staan voor je klaar.




Geef een reactie