Durf je je therapeut tegen te spreken?

Over beschermingspatronen, veiligheid en jezelf blijven in therapie 

Wanneer je in therapie bent, laat je de manieren waarop je jezelf normaal beschermt natuurlijk niet bij de deur achter. Misschien pas je je snel aan, analyseer je liever dan dat je voelt, houd je graag controle of laat je vooral zien dat je het allemaal best aankunt. Juist wanneer een gesprek spannend wordt, kunnen zulke patronen sterker naar voren komen. Je zegt dat het wel gaat terwijl er eigenlijk veel speelt. Je knikt bij iets waar je over twijfelt. Of je kunt heel goed uitleggen waarom iets gebeurt, zonder echt contact te maken met wat je voelt. 

Bij herstel van een eetstoornis kan dat extra ingewikkeld zijn. Je kunt oprecht willen herstellen en tegelijkertijd bang zijn voor wat dat van je vraagt. Hulp zoeken laat de behoefte aan bescherming niet zomaar verdwijnen. Soms merk je juist dat vertrouwde manieren van omgaan met angst, pijn of onzekerheid je beginnen te beperken, terwijl ze nog steeds houvast geven. 


Deze gastblog is geschreven door Georgine. Geogrine woont in Leiden, is opgeleid als ervaringsdeskundige en schrijft vanuit zowel persoonlijke ervaring als een grote interesse in hoe mensen zichzelf beter leren begrijpen. Ze is daarnaast auteur en oprichter van Bubuluku Publishing, waar ze boeken en begeleide journals maakt rond therapie, relaties, het zenuwstelsel, mindfulness en persoonlijke groei.  

Je kunt dus verlangen naar verandering en tegelijkertijd schrikken wanneer precies datgene wat je houvast gaf ter discussie komt te staan. Soms wordt er al om verandering gevraagd terwijl het gevoel van veiligheid nog moet groeien. Daarmee ontstaat een lastige vraag: hoe weet je of er werkelijk ruimte voor jou is in therapie, wanneer niet alles van jou meteen zichtbaar wordt? 

Een goede cliënt zijn

In therapie kun je ongemerkt proberen een ‘goede cliënt’ te zijn. Soms heb je niet eens door dat je dat doet. Je past je bijvoorbeeld aan, gaat sneller mee met wat wordt voorgesteld of je houdt iets achter uit angst om moeilijk, ongemotiveerd of lastig gevonden te worden, vaak zonder dat je daar bewust voor kiest. Soms merk je pas achteraf dat zo’n beschermingspatroon meespeelde. Misschien hoor je jezelf ‘prima’ zeggen en realiseer je je pas daarna dat dat eigenlijk niet klopte. 

Een therapeut kan veel opmerken in wat er tijdens een sessie gebeurt. Misschien ziet diegene dat je ineens heel rationeel wordt, iets snel relativeert of dat je lichaam iets anders lijkt te vertellen dan je woorden. Die kan vragen stellen, patronen herkennen en soms iets zien waar je zelf nog omheen beweegt. Maar wat er in therapie onderzocht kan worden, hangt ook af van wat je zelf ter sprake brengt. Als je een gebeurtenis niet ter sprake brengt, belangrijke details weglaat of vooral de kanten van jezelf meebrengt die veilig genoeg voelen om te laten zien, blijft een deel van jouw verhaal buiten beeld. Wat het kwetsbaarst voelt, is vaak ook wat je het liefst beschermt. 

Daar zit een vreemde paradox: juist wat je het liefst buiten de sessie houdt, kan iets zijn wat gezien mag worden. Op jouw tempo en zonder dat je alles hoeft te vertellen. Het kan al waardevol zijn om op te merken: wat wil ik hier liever niet laten zien, en waar ben ik bang voor als ik dat wel doe?  Daarmee verschuift de vraag van wat vertel ik mijn therapeut? naar: wat gebeurt er met mij wanneer iets moeilijk wordt om te vertellen? Word je extra redelijk? Trek je je terug? Zeg je snel ja? Maak je het probleem kleiner? 

Veiligheid is niet hetzelfde als comfort

Ook bij een passende therapeut kan therapie schuren. Zeker bij eetstoornisherstel kan een belangrijke stap tegelijkertijd veel angst, weerstand of verdriet oproepen. De gedachte ‘als het niet goed voelt, kun je beter stoppen of een andere therapeut zoeken’ is daarom te simpel. Maar ook het tegenovergestelde schiet tekort: aannemen dat een naar gevoel automatisch bewijst dat je ‘gewoon weerstand hebt’ en er dus doorheen moet. 

Het wezenlijke verschil zit misschien in wat er met dat ongemak kan gebeuren. Kun je eerlijk zeggen dát iets ongemakkelijk voelt en kunnen jullie samen onderzoeken wat dat betekent?  Kun je zeggen dat een opmerking harder binnenkwam dan je liet merken? Dat je niet begrijpt waarom iets nodig is? Dat je boos bent, twijfelt aan de aanpak of iets hebt achtergehouden omdat je bang was voor de reactie? Het gaat er daarbij niet om dat je therapeut onmiddellijk zegt dat jij gelijk hebt. Belangrijker is dat er ruimte is om samen te onderzoeken wat er tussen jullie gebeurt, met aandacht voor hoe jij dat ervaart. 

Voor mij persoonlijk is dat gevoel van veiligheid essentieel. Ik ken de neiging om – juist wanneer iets mij raakt – extra redelijk te worden en mijn reactie eerst begrijpelijk te maken voor de ander. Ik formuleer dan wat ik denk dat de ander kan volgen, in plaats van meteen te zeggen wat er werkelijk speelt. Als iemand te snel trekt aan iets wat lange tijd bescherming of houvast heeft gegeven, voel ik vooral de behoefte om het nog steviger vast te houden. 

Ik kan veel meer onderzoeken wanneer er naast deskundigheid ook nieuwsgierigheid is en er ruimte blijft voor de mogelijkheid dat een eerste interpretatie misschien niet helemaal klopt. Dat is mijn ervaring. Iemand anders kan juist behoefte hebben aan veel structuur, directheid of een therapeut die confronterender werkt. Veiligheid kan er voor iedereen anders uitzien. 

Veel beschermingspatronen zijn ooit ontstaan omdat ze ergens bij hielpen. Aanpassen kan conflicten hebben voorkomen, controle kan houvast hebben gegeven en analyseren kan emoties op afstand hebben gehouden. Zo’n patroon kan inmiddels in de weg zitten en tegelijkertijd volkomen begrijpelijk zijn. Veiligheid groeit door ervaring, stap voor stap. 

Wat gebeurt er wanneer je tegenspreekt?

Juist wanneer er wat wrijving ontstaat, wordt vaak zichtbaar wat een behandelrelatie kan dragen. Daarvoor is geen groot conflict nodig. Het kan beginnen met een zin als: 

“Vorige week zei ik dat het goed ging, maar eigenlijk wilde ik vooral niet moeilijk doen.” 

“Ik begrijp wat je bedoelt, maar het voelt voor mij anders.” 

“Ik heb iets niet verteld, omdat ik bang was voor je reactie.” 

Vervolgens kun je kijken wat er gebeurt. Voel je dat wat je zegt werkelijk wordt ontvangen? Is er ruimte om erbij stil te staan, meer te vertellen en samen te onderzoeken wat er speelt? Is er begrip voor wat iets met je doet, ook wanneer je therapeut het anders ziet? Kun je een misverstand rechtzetten en mag je twijfelen aan een uitleg of aanpak? 

Eén onhandige reactie zegt op zichzelf weinig over de hele behandelrelatie. Interessanter is wat er daarna mogelijk wordt. Kunnen jullie erop terugkomen? Kan je therapeut opnieuw luisteren? Kan iets wat misliep worden hersteld?  En minstens zo belangrijk: kan je therapeut jouw twijfel onderzoeken zonder die meteen als symptoom te bestempelen? 

Dat kan ingewikkeld zijn in een behandeling waarbij ambivalentie of vermijding inderdaad een rol kunnen spelen. Soms is weerstand onderdeel van wat er gebeurt. Maar als iedere twijfel automatisch wordt toegeschreven aan je eetstoornis, blijft er weinig ruimte over voor een werkelijk bezwaar of een andere kijk op wat er gebeurt. Je eigen stem behouden betekent dat je als persoon aanwezig blijft in de behandeling, ook terwijl je begeleiding aanneemt. 

Wat wordt er zichtbaar?

Misschien zijn we soms erg bezig met de vraag of we therapie wel goed doen. Ben ik open genoeg? Werk ik hard genoeg? Vertrouw ik genoeg? Ben ik voldoende gemotiveerd? Een interessantere vraag kan zijn: wordt er na verloop van tijd meer van mij zichtbaar? Ook de twijfel, weerstand, boosheid, schaamte, ambivalentie en dingen die je zelf nog niet begrijpt. En kun je daar samen naar kijken? 

Openheid kan heel klein beginnen. Met één zin die je normaal zou inslikken. Of wanneer je merkt dat je opnieuw ‘gaat prima’ zegt en er deze keer achteraan durft te zeggen: “Eigenlijk weet ik niet waarom ik dat automatisch zeg.” 

Vragen die je kunt meenemen

Als je nieuwsgierig bent naar hoe jij jezelf in therapie beschermt, kun je eens stilstaan bij deze vragen: 

  • Wat doe ik meestal wanneer een gesprek kwetsbaar wordt? 
  • Welke kanten van mezelf laat ik gemakkelijk zien, en welke houd ik liever buiten beeld? 
  • Wat denk ik dat er gebeurt als ik mijn therapeut teleurstel of tegenspreek?
  • Welke dingen houd ik achter omdat ik bang ben voor de reactie? 
  • Kan ik vertellen wanneer iets mij niet helpt of verkeerd valt? 
  • Ervaar ik naarmate de therapie vordert meer ruimte om mezelf te laten zien, of juist minder?  

Je beschermingspatronen kunnen juist onderdeel worden van wat je samen probeert te begrijpen. Ook daarin kan iets zichtbaar worden over wat je nodig hebt, waar je bang voor bent en wat veiligheid voor jou betekent. 

Een goede behandelrelatie hoeft niet altijd comfortabel te zijn. Wel moet er genoeg ruimte zijn om eerlijk te kunnen zeggen wanneer iets niet goed voelt, en om samen te onderzoeken wat dat betekent. 


Kom bij Proud2Bme gratis en anoniem in contact met lotgenoten, ervaringsdeskundigen, psychologen en diëtisten. Op ons forum kun je jouw verhaal delen en/of vragen stellen en zijn er dagelijkse chats (de agenda vind je hier). Ook kun je starten met fEATback, een online zelfhulpprogramma. Wij staan voor je klaar.

Gastauteur

Geschreven door Gastauteur

Deze blog is geschreven door een gastauteur Je bent altijd welkom om een gastblog in te sturen. Meer informatie lees je op deze pagina

Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *