“Nette is moe. Zo moe. Ze is pas vijftien, maar de tijd dat ze jong en zorgeloos was lijkt eeuwen geleden. Op school wordt ze geplaagd, haar vriendinnen raakt ze langzamerhand kwijt. Als ze merkt hoe gemakkelijk het is om af te vallen, besluit ze de touwtjes zelf weer in handen te nemen.
Nette gaat sporten, steeds minder eten en stukje bij beetje neemt de anorexia het van haar over. Als ze nog maar heel weinig kilo weegt wordt ze opgenomen in het ziekenhuis, en daarna in een kliniek voor jongeren met eetstoornissen.
Nette is woedend op haar ouders, woedend op de doktoren die haar dwingen aan te komen. Tot ze beseft dat de anorexia geen vriend is. Want welke vriend zou je de dood inpraten?”
Bovenstaand lees je een fragment uit het nieuwe boek “Het meisje in mijn hoofd“. Proud2Bme interviewde de schrijfster Sofie van Gelder en mag 5 exemplaren weggeven aan de lezeressen van Proud2Bme
“Meisje in mijn hoofd” Waarom deze titel?
Nette, het hoofdpersonage van het boek, heeft een piepklein stemmetje in haar hoofd, dat haar eraan herinnert dat ze een domme, dikke koe is. Nette gelooft het stemmetje op haar woord en doet er alles aan om het gunstig te stemmen. Het stemmetje wordt een vriend. Een vriend die haar vertelt wat ze wel en niet mag eten, dat zegt dat je van zitten dik wordt en dat pizza eten met vriendinnen niet kan. Het lijkt wel of Nette door het stemmetje twee personen wordt: het meisje Nette dat wil genieten van het leven en het meisje in haar hoofd, dat slaaf wordt van het stemmetje.
Wat is de aanleiding voor het schrijven van dit boek?
Een van de redenen waarom ik een boek over anorexia nervosa geschreven heb, is dat ik de ziekte zelf van heel dichtbij heb meegemaakt. Ik weet dus hoeveel pijn, verdriet en onmacht er schuilgaat achter een eetprobleem. En dit niet alleen voor de patiënte zelf, maar ook voor ouders, partner, vrienden, broers, zussen,… Met “Het meisje in mijn hoofd” wilde ik al deze gevoelens en de donkere, duistere hoekjes waar een eetstoornis je mee naartoe voert, onder woorden brengen.
Een andere reden is, dat ik als leerkracht vaak meisjes zie waarvan ik vermoed dat ze een eetstoornis hebben of beginnen te ontwikkelen. Ik wilde deze meisjes en nog vele anderen op één of andere manier waarschuwen, duidelijk maken dat anorexia geen vriend is, maar één van de gevaarlijkste vijanden die je je kunt indenken.
Wat wil je met dit boek bereiken?
Ik hoop met mijn boek zo veel mogelijk mensen te bereiken. In de eerste plaats jonge meisjes en vrouwen die met een eetstoornis worstelen. Maar ook ouders, partners, vrienden, familieleden,… van meisjes/ vrouwen met een eetstoornis. Ik hoop hen met mijn boek een hart onder de riem te kunnen steken. Zodat ze de moed niet opgeven en blijven vechten.
Daarnaast wil ik ook zorgverleners en leerkrachten bereiken. Ik vind dat mensen nog steeds veel te weinig weten over anorexia nervosa en andere eetstoornissen. Door onwetendheid worden zo heel wat eetproblemen laattijdig ontdekt. Met alle gevolgen vandien… Hoe sneller de ziekte ontdekt wordt, hoe meer kans men heeft om er definitief van te genezen. Maar daarom is er meer bewustwording nodig. Ik vind het zo erg om toe te zien hoe jonge, getalenteerde meisjes (en een klein aandeel jongens), maar ook volwassen vrouwen een stukje van hun leven (hun jeugd, hun dromen, hun toekomst) verliezen aan een eetstoornis. Terwijl het leven al zo kort is en elk moment de moeite waard is om geleefd te worden.
Waar heb jij je inspiratie uitgehaald voor de inhoud van dit boek?
Zoals ik al eerder vermeldde, is anorexia nervosa voor mij geen onbekende. De gevoelens die in het boek beschreven staan, zijn gevoelens die ik van dichtbij heb meegemaakt en die een inspiratie vormden voor het schrijven van Nettes verhaal.
Voor een volgend manuscript put ik uit mijn ervaringen als leerkracht en uit wat ik in mijn directe omgeving zie gebeuren. Zo zijn er naast eetproblemen nog andere problemen waar jongeren mee te kampen hebben (angsten, depressies, groepsdruk,…) Ik vind het belangrijk dat er in de jongerenliteratuur ook over deze problemen boeken voorhanden zijn.
Wat maakt jouw boek over een meisje met eetstoornis anders, dan de vele boeken die er al zijn?
Ik weet niet in hoeverre het anders is. Ik weet alleen maar dit: “Het meisje in mijn hoofd” is een eenvoudig oprecht verhaal, waarin alle aspecten van anorexia nervosa op een heel menselijke, doorleefde manier aan bod komen. Iedereen die het boek leest, zal Nette willen omarmen: als een dochter, als een zus, als een vriendin,… Of misschien als zichzelf, als het meisje of de vrouw die men in de spiegel ziet.
Heeft het schrijven van dit boek ook iets met jou gedaan als schrijfster?
Ik vind dat ik enorm gegroeid ben als schrijfster door het schrijven van dit verhaal. Dit heeft veel te maken met de goede begeleiding van mijn uitgeverij. Zij hebben mij met hun aanwijzingen op een hoger niveau getild en daar ben ik hen enorm dankbaar voor.
Je bent lerares Frans, hoe zie jij dat dit thema een rol speelt bij jouw leerlingen?
Of je nu leerkracht Frans bent, of wiskunde, of geschiedenis, dat maakt allemaal niet uit. Als leerkracht ben je bekommerd om je leerlingen. Je legt je oor te luisteren, je observeert. En dan kan je hieruit alleen maar afleiden dat lichaamsbeleving, zelfvertrouwen (of het gebrek eraan), uiterlijk, er bij willen horen, wel of niet van zichzelf houden… een heel grote rol spelen bij jongeren. Sommige jongeren willen zo graag voor zichzelf, maar ook volgens de verwachtingen van anderen aan een bepaald beeld beantwoorden. De druk vanuit zichzelf of vanuit de maatschappij is soms zo groot dat sommigen eronder bezwijken. Heel belangrijk is dan dat je hen een goede basis kan bieden waarop ze kunnen terugvallen en hun zelfvertrouwen stimuleren. Leerkrachten spelen hier een grote rol in, maar ook ouders, familie en vrienden moeten deze basis bieden.
Wat is jouw advies voor ouders of leerkrachten?
Blijf alert voor signalen die jongeren uitzenden! Leg je oor te luister! Observeer! Praat met je kind/ leerling! Neem hen ernstig! Geef hen niet de indruk dat je als volwassene het beter weet en de touwtjes eens snel in handen zal nemen. Probeer hen te begrijpen. Wees ook alert voor veranderingen in sociaal gedrag, zeker als je vermoedt dat een kind een eetstoornis heeft. En wat er ook gebeurt… probeer een kind steeds zo positief mogelijk te benaderen.
Wat zou je zelf nog willen zeggen tegen de lezeressen van proud2Bme.nl?
- Wees blij met jezelf zoals je bent. Iedereen heeft z’n minpuntjes. Niemand is perfect. Wie een gans leven streeft naar perfectie zal nooit gelukkig zijn.
- Praat met anderen. Zeker als je je niet goed voelt in je vel. Andere mensen kunnen je helpen om de dingen te zien zoals ze werkelijk zijn.
- Denk niet: “Ik ben de moeite niet waard!” Het is een dooddoener, een leugen. Iedereen is de moeite waard.
- Leef! Niet half, niet een beetje, maar volop!
Wat voor Meisje/ Vrouw heb jíj in jouw hoofd?
Het meisje of de vrouw die ik in mijn hoofd heb, is een meisje dat steeds sterker in haar schoenen staat. Daar waar ik vroeger niet in staat was om mezelf te vergeven voor mijn tekortkomingen, is er nu wat meer aanvaarding in de plaats gekomen. Ik moet niet langer iemand zijn, ik besef nu dat ik altijd al iemand was… En dat besef is voldoende om elke morgen als een tevreden vrouw wakker te worden en aan mijn dag te beginnen!
Geef een reactie