hoe wetenschap mij helpt bij eetstoornisherstel
In moeilijke tijden ga ik automatisch op zoek naar lichtpuntjes om mezelf staande te houden. De strijd tegen een eetstoornis, de achterliggende problematiek en alles waar ik nu door de ziekte tegenaan loop, is zwaar en onzichtbaar. Om dit draaglijker te maken en zoveel mogelijk kwaliteit van leven te behouden, zet ik verschillende middelen in: mijn hobby’s, schrijven, gesprekken bij mijn behandeling, het praktiseren van mijn geloof en NLP-technieken. Mijn herstel begon twee jaar geleden. De stappen die ik toen moest zetten voelden enorm groot en door de ziekte verloor ik het overzicht over de ernst van de situatie. Mezelf mentaal staande houden voelde op dat moment bijna onmogelijk.
Hoewel ik in gesprekken vaak mijn rationele kant liet zien, is dit ook een overlevingsmechanisme geworden. Mijn ratio diende als een masker om mijn eetstoornis op de achtergrond sterk te houden. Tijdens mijn klinische opname werd door dit masker heen geprikt. Dit was het startpunt van mijn zoektocht: Hoe kan ik mijn ratio juist als hulpmiddel gebruiken?

Het wetenschappelijke perspectief
Ik wil even met je terug in de tijd, naar 10 mei 2024. Op die dag had ik een gesprek met mijn psychiater in de kliniek. De angsten van binnen waren vele malen sterker dan mijn woorden. Die dag legde ik enkele angsten eerlijk op tafel. In dat gesprek vertelde zij wat de wetenschap zegt over de werking van een ondervoed brein.
Ondanks dat het voor mijn eetstoornis nooit “erg genoeg” was, wilde ik graag zelf de regie over mijn brein hernemen. Ik leek me namelijk niet slecht te voelen, terwijl dat feitelijk wel zo was. Hoe kon ik de invloed van de ziekte, die de realiteit bijna onzichtbaar maakte, doorbreken, of er in ieder geval mee leren omgaan om toch stappen te zetten?
Ik besloot me meer te verdiepen in wetenschappelijk onderzoek naar eetstoornissen. Door te lezen wat er geschreven is vanuit een objectief, wetenschappelijk perspectief (en dus niet vanuit mijn eigen beleving als patiënt), lukte het me stapje voor stapje om de eetstoornisgedachten van een afstand te observeren en mezelf ervan los te koppelen. Ik hoef immers niet akkoord te gaan met de inhoud van deze gedachten, ook al zijn ze er wel. Ook wilde ik de “angst achter de angst” zien: Waar ben ik écht bang voor?
Kortom, door vanuit een ander perspectief naar mijn eetstoornis te kijken, lukte het me beter om de ziekte ook echt te zien als ziekte, en de gedragingen die hierbij horen niet te normaliseren. De eetstoornis die voor mij als masker dient voor het werkelijke probleem, dat niets met eten of gewicht te maken heeft. Ik koos ervoor om de angsten zonder oordeel te observeren. Mijn eetstoornis maskeerde een probleem van lang geleden. Door de wetenschap te bestuderen, kon ik de eetstoornis inhoudelijk tegenspreken; de wetenschap bewees namelijk het tegenovergestelde van wat mijn eetstoornis beweerde. Door écht stil te staan bij wat een eetstoornis fysiek en mentaal met me deed, zonder me enkel te focussen op hoe ik me vanuit de eetstoornis leek te voelen, kwam mijn ziekte-inzicht beetje bij beetje terug.
Met een eetstoornis kan het paradoxaal genoeg lijken alsof er niets aan de hand is. Omdat ik me lang goed voelde, leek het voor mij alsof het allemaal wel meeviel. Echter weet ik nu dat ik me niet slecht hoef te voelen om in te zien dat de eetstoornis veel schade heeft aangericht. Ik koppel nu mijn (vaak tijdelijke) gevoel vanuit de eetstoornis los van de feitelijke realiteit. Door vanuit een objectief en feitelijk perspectief te kijken, lukt het mij om mijn identiteit los te koppelen van de ziekte.
De eetstoornis als hoofdstuk, niet als boek
Wat mij nog meer helpt bij dit proces, is om mijn blik op de toekomst gericht te houden. Mijn eetstoornis is een hoofdstuk van mijn levensboek, niet mijn volledige verhaal.
Ik kies ervoor om angsten te zien als neurale paden: herhalende patronen in mijn brein waar ik met mijn gedrag niet in mee hoef te gaan. Alleen al het feit dat er onderzoek is gedaan naar behandelingen voor eetstoornissen, geeft mij het besef dat mijn eetstoornis onbetrouwbaar is en dat ik me nooit “ziek genoeg” zal voelen. Het geeft mij niet alleen inzicht in hoe problematisch de ziekte is, maar vooral vertrouwen in hoe onbetrouwbaar het “positieve” gevoel vanuit de eetstoornis is.
Neutraliteit
Het lukt me steeds beter om emoties los te koppelen van de realiteit door met mijn rationele kant mezelf met meer zelfcompassie te benaderen. Dit geeft me ruimte om gezonder na te denken en uitdagingen aan te gaan, zonder direct mee te gaan in iedere angstprikkel. Ik doe dit door observerend naar de angsten van de eetstoornis te kijken; ik laat ze er zijn, maar ik probeer te handelen vanuit de gezonde Ecem.
De wetenschap kan vooroordelen doorbreken door uit te leggen waarom iets gebeurt. Het leert me dat de realiteit van mijn eetstoornis niet de daadwerkelijke realiteit is. Vasthouden aan de beperkte visie van mijn eetstoornis zou een van mijn grootste blinde vlekken zijn, en dat wil ik voorkomen.
Rust vinden door te vertrouwen op neuroplasticiteit
Wetenschap biedt mij de onderbouwing die ik nodig heb om de eetstoornis tegen te spreken. Als mijn eetstoornis zegt dat ik geen rust nodig heb, is het simpelweg al helpend om over de restoratieve theorie van slaap te lezen. Deze theorie vertelt iets heel anders dan mijn eetstoornis. Meegaan in de eetstoornis biedt schijnveiligheid. Echte veiligheid vind ik door te accepteren dat het veilige soms onveilig mag voelen.
Kennis over neuroplasticiteit geeft mij vertrouwen in het feit dat eetstoornisgedachten plaats kunnen maken voor gezondere gedachten. Het helpt mij om gezonde gedachten op te schrijven en eetstoornisgedachten te zien als spieren die te lang in een verkeerde positie hebben gestaan; ze hebben tijd en training nodig om weer in de juiste positie te komen.
Vertrouwen in het proces
Mijn geloof speelt een belangrijke rol in het vertrouwen die ik heb in mijn proces. Ik vertrouw erop dat nare ervaringen op termijn iets waardevols opleveren. Ik wil niet langer wachten tot de strijd makkelijker wordt voordat ik ga genieten van het leven. De acceptatie van het feit dat het leven soms moeilijk mag zijn, geeft mij de ruimte om vrij te zijn en het leven te beleven zoals ik dat nu wil.
Nare momenten zullen er altijd zijn, maar ik mag deze zien als momenten die onafhankelijk staan van de mooie momenten. De aanwezigheid van moeilijke tijden hoeven mijn genietmomenten niet te beperken. Ik ben me bewust van beide, en ze mogen onafhankelijk van elkaar ervaren worden.
Tot slot
Alles wat ik in deze blog omschrijf is een kwestie van tijd en heel veel oefening. Ik ben hier niet perfect in, en ook dat wil ik accepteren, juist om stap voor stap verder te komen. Niet alleen in mijn eetstoornisherstel, maar ook met mijn persoonlijke ontwikkeling.
Met hulp van de wetenschap, vertrouwen en een flinke dosis zelfcompassie, leer ik dat ik vanuit een objectief perspectief naar de eetstoornis kan kijken en zelf de regie over mijn leven kan nemen. Op deze manier mag ik zelf kiezen hoe ik mijn leven op een gezondere manier vormgeef, ook als de eetstoornisgedachten iets anders willen.
Durf jij weleens vanaf een ander perspectief naar je eetstoornis te kijken?

Mijn naam is Ecem en op Proud schrijf ik over hoe ik eetstoornisherstel combineer met mijn culturele achtergrond. In mijn vrije tijd ben ik graag bezig met het maken van cartoontekeningen, klets ik met vriendinnen, wandel ik in de natuur en bouw ik Lego sets. Daarnaast studeer ik Toegepaste Psychologie en ben ik erg geïnteresseerd in het lezen van wetenschappelijk onderzoek over eetstoornissen. Ook verdiep ik me graag in de wereld van Neuro-Luïngistisch Programmeren.
Kom bij Proud2Bme gratis en anoniem in contact met lotgenoten, ervaringsdeskundigen, psychologen en diëtisten. Op ons forum kun je jouw verhaal delen en/of vragen stellen. Ook kan je dagelijks met ons chatten (de agenda vind je hier). Wij staan voor je klaar.




Geef een reactie