Brief van mijn moeder

 

Afgelopen november ging ik met ontslag. Ik kreeg van mijn ouders een boek met allemaal korte verhalen over vrouwen die iets bereikt hadden. Sommigen iets heel groots, anderen iets relatief kleins. Echt een super mooi boek! In de inhoudsopgave stonden alle namen, met daarnaast in één woord beschreven wat zij gedaan hadden. Mijn moeder had mijn naam erbij geschreven met als woord 'bergbeklimmer'. Ik heb nooit een berg beklommen, maar mijn moeder vergeleek mijn eetstoornisherstel met het beklimmen van een berg. Ik vind het zo mooi geschreven en mijn vriendinnen herkenden het helemaal. Ook mijn vriendinnen uit de kliniek herkenden zich in de struggle die mijn moeder beschreef. Graag deel ik de brief met jullie.

 
Ella Jane - Bergbeklimmer 
 
"Op de eerste dag van de lente in 1997 werd er een meisje geboren in Rotterdam. Haar ouders noemden haar Ella Jane. Het was een zonnige vrijdagochtend en de wereld werd op slag een stukje mooier. Ella Jane danste al snel door het leven, letterlijk en figuurlijk. Ze was leergierig, lief, hield van gezelligheid en had enorm veel humor. Ze was een levensgenieter en was vastberaden om veel mooie dingen te gaan doen in het leven. Ze danste graag en mooi en de toekomst lachte haar tegemoet. 
 
In haar prille puberteit had ze echter de pech dat ze op een vervelende hobbel stuitte. Het hoort er natuurlijk bij in je weg naar volwassenheid; hobbels op je pad. Die kun je soms ontwijken, soms kun je er overheen stappen en een enkele hobbel moet of wil je eerst even helemaal platslaan voor je doorloopt. Deze hobbel bleek echter een hele nare. Waar ze dacht dat ze er wel overheen kon stappen bleek de hobbel bij elke poging daartoe te groeien. Hij werd zelfs zo groot dat ze er steeds moeilijker overheen kon kijken. Het vervelende was dat de hobbel zich goed kon verbergen en niet voor iedereen zichtbaar was. De hobbel fluisterde haar ook toe dat ze anderen maar niet moest lastig vallen met zo’n hobbeltje. Nergens voor nodig. Als je wil, stap je er zo overheen. De hobbel fluisterde haar nog veel meer toe; irritante dingen over wat je moest doen en laten om goed en leuk gevonden te worden door anderen en hoe belangrijk dat wel niet was.

Niet altijd luisterde ze naar de irritante hobbel. Soms stapte ze er even overheen en een hele enkele keer ging ze er stoer even bovenop staan. Kom op zeg, zo’n hobbeltje kon ze best aan. Hij wist haar echter steeds weer dat stapje terug te laten doen zodat ze achter de hobbel bleef. En doordat ze afgeleid werd door al het gefluister van de hobbel lukte het deze ook nog om te groeien. En ineens kon ze alleen nog maar over de hobbel heenkijken als ze op haar tenen ging staan en heel erg haar best deed. Dat koste erg veel moeite en energie. De hobbel was een bergje geworden en trouwens, wat sprak hij hard. Dat kon je geen fluisteren meer noemen. Ze kreeg door dat ze last had van het bergje. Dat ze veel energie kwijtraakte met de pogingen eroverheen te kijken en andere dingen te horen dan wat het bergje zat uit te kramen. Dat werd ook steeds vervelender; hij werd stelliger en begon zelfs te dreigen. Als je niet dit doet of laat, dan... Dat soort dingen. Ergens wist ze wel dat het bullshit was. Ik bedoel, zo’n uit zijn voegen gegroeide hobbel is nou niet direct een goede raadgever of wijze Willie. Het was meer een boze gefrustreerde bult, die niet in staat was om frustraties op te lossen of aan te gaan. Maar ja, als iemand maar lang en hard genoeg in je oor tettert, dan wordt het toch erg moeilijk om je er voor af te sluiten. Ze werd moe en ging af en toe even zitten met haar rug tegen het bergje dat inmiddels toch wel was uitgegroeid tot een berg. Hij was nu zo groot dat hij voor iedereen zichtbaar was. 
 
Als ze daar zo zat, achter die enorme berg, dan konden de mensen om haar heen haar ook even niet zien. Ze hoorde hun lieve stemmen wel hoor, en daardoor wist ze ook dat het er nog was; dat pad naar volwassenheid en vooral het pad naar een vrij leven. Ze hoorde de muziek waarop haar dans-vriendinnen dansten, ze hoorde ze giechelen en oefenen. Ze hoorde de stem van haar moeder die tegen haar bleef praten omdat ze wist dat ze achter de berg zat en haar kon horen, ook al kwam er geen reactie. Haar broertje met zijn pubergeluiden en hardcore, haar vader met zijn relativerende humor en vertrouwde stem. Haar lieve vriendinnen met hun gelach... Ze zag de gezichten van die meiden voor zich, het was fijn dat ze zo in de buurt bleven zodat ze zich toch verbonden kon blijven voelen. Maar ze kon er niet bij zijn. En ook de lieve kaartjes en berichtjes van haar oma, de appjes van familie en anderen die haar zo liefhebben vlogen boven haar voorbij. Ze zag ze, maar kon ze niet grijpen. 
  
De berg was ondertussen nog verder gegroeid en had inmiddels de baard in de keel waardoor alles wat hij zei oorverdovend hard klonk. Ze besefte ineens dat door de hoogte van de berg zelfs de zon niet meer te zien was. En dat ze dat niet wilde. Ze kreeg het koud en wilde naar de zonnige kant, waar het pad open lag en de mensen waren die haar dierbaar zijn. Ze begon te roepen. Omdat iedereen haar zo miste, konden ze haar zachte noodkreet toch opvangen. “Ze roept, ze roept, we gaan haar helpen!” Iedereen leek blij met de noodkreet, want nu mochten ze aan de berg komen. Dat durfden ze eerder niet. En met z'n allen gingen ze aan het werk. De één ging hakken, de ander graven, weer een ander ging een ladder halen. Maar het was allemaal niet genoeg, ook omdat niemand wist wat er aan de andere kant van die berg gebeurde. Werd er gegraven of geklommen? En wat was die berg eigenlijk hoog... Dat was het moment waarop niemand het meer wist. Aan twee kanten zaten ze tegen de berg aan; moe. 


En ineens hoorden ze de stem van Ella Jane wat luider. Ze riep dat ze een plan had. Er bleken namelijk achter de berg ook hulptroepen te zijn. Die waren er eigenlijk steeds al, maar om de een of andere reden had ze ze nooit echt herkend als hulptroepen. Zij vroegen haar wat ze nou eigenlijk achter die berg zocht. En door die vragen wist Ella Jane steeds beter weer hoe dat was. Ze vertelde er honderduit over. Over de gewone dingen die heus niet hemelbestormend waren maar die er aan haar kant van de berg niet zijn. Over het uitzicht, de zon, de plannen, de lol en vooral al die mensen die er zijn en waarmee je samen over het levenspad kunt als je dat wil. Zodat je elkaar ook eens kunt waarschuwen ("Let op, een hobbel"), of er overheen stapt. Of erop gaat dansen. Of waarbij de ander even op je wacht tot je de hobbel genomen hebt. Terwijl ze zo aan het praten was over het leven voorbij de berg, zag ze ineens dat de berg aan het afbrokkelen was. Hee...dat is mooi meegenomen, dacht ze, en ze begon met het uithakken van een trap in de berg. Het leek haar ondoenlijk om deze helemaal weg te krijgen en eigenlijk ook niet nodig. Als je zorgt voor een stevig pad met degelijke treden, dan donder je er ook niet zomaar weer vanaf. En als het wel zo is, dan land je op de trede onder je dus dan vallen de bulten op je hoofd ook mee.  

Ze werkte keihard en was verrast dat ze dat in zich had. Hoe hoger ze kwam, hoe meer ze van de zon kon zien. En hoe harder de geluiden werden waar ze naar op weg was. De berg werd wat minder luidruchtig. Ze sprak hem toe en ze vertelde dat ze verderging. Dat ze zich soms ook veilig had gevoeld achter die grote berg, en daar bedankte ze hem zelfs voor. Al zei ze er meteen achteraan dat ze nu pas wist dat het schijnveiligheid was. Ze vertelde de berg het belang van de treden en dat hij haar geholpen had om te ontdekken dat ze zo’n krachtpatser was. Ook daar kreeg de berg een klein bedankje voor. 
Toen ze boven op de berg stond veranderde haar glimlach in een stralende lach. Ze voelde de warmte van de zon en de geluiden die ze hoorde en die haar zo lief waren klonken ineens zo dichtbij. Wat bleek, aan de andere kant van de berg was net zo hard gewerkt en hadden ze met elkaar een hele mooie trap gemaakt waarop ze naar boven waren gelopen. Ze hoefde vanaf nu niet meer alleen te lopen. Samen gingen ze verder. Ze zwaaide nog even naar de berg en sprak hem ook nog even toe.

"Berg, je bent zo groot dat ik, als ik omkijk, vast nog wel een glimp van je zal zien, hoe ver ik ook ga. Dan wil ik liever niet meer denken aan hoe koud; hoe stil en eenzaam 't was toen je me niet verder liet gaan. Maar dan wil ik denken aan het moment dat ik over je heen klom, de spierkracht die ik daar mee heb opgebouwd en die me goed van pas komt. Aan dat ik nu weet hoe het is aan deze kant van de berg. Dag mopperpot, je hebt me dus ook nog wat geleerd. Ik ga verder nu en zwaaien doe ik vanuit de verte..."

En zo werd Ella Jane bergbeklimmer. Ze vervolgde haar pad en gebruikte daarbij alles wat ze van die barre klimtocht had geleerd. Ella Jane, mooier en sterker dan ooit."

 

Gerelateerde blogposts

Reacties

Floor - Vrijdag 17 januari 2020 19:36
Echt heel erg mooi geschreven en herkenbaar ♡
w - Vrijdag 17 januari 2020 19:45
Wauw wat een mooi, treffend beeldend verhaal, echt mooi!
Ely - Vrijdag 17 januari 2020 20:50
Wauw, wat een liefde en begrip spreekt er uit het verhaal... Het ontroert me om dit te lezen, deels ook omdat het raakt aan een gemis als ik dit vergelijk met mijn eigen ervaringen.
Paprika - Vrijdag 17 januari 2020 21:39
Lieve EJ, wat heeft je mams dit toch prachtig en liefdevol geschreven!! XM
Ella Jane - Zaterdag 18 januari 2020 16:14
♥️!!!
Mira - Vrijdag 17 januari 2020 23:01
Mijn god, wat is dit mooi
x - Vrijdag 17 januari 2020 23:26
Wauwie… Heel mooi. Je boft maar met zo'n lieve moeder!
Sterregoesforit - Zaterdag 18 januari 2020 12:12
Heel erg mooi! ♥ Bedankt voor het delen!
Cindy - Zaterdag 18 januari 2020 15:52
Mooi !dank je wel x
Ina - Zaterdag 18 januari 2020 16:24
Ik ben er stil van
Laura - Zondag 19 januari 2020 15:13
Wat een prachtige brief, heel mooi! Bewaar hem maar heel goed, om je er altijd aan te herinneren dat je een bergklimmer bent! En dankjewel voor het delen
Cylu - Maandag 20 januari 2020 08:47
Heel mooi ❤️