Als je naasten een last zijn

 

Hoewel ik van mezelf een sociaal en vrolijk persoon ben kan ik ook behoorlijk botsen met mensen. Zeker in de tijd dat ik een eetstoornis had vond ik fijn contact met anderen mensen nog wel eens moeilijk. Ik had immers een hoop op m'n bordje liggen en kon er niet zo veel meer bij hebben. Hoeveel ik ook van de mensen om me heen hield voelden ze toch wel eens als een last. Dat vond ik zo'n naar gevoel en daar kon ik me dan weer heel schuldig over voelen. Wat als je naasten een last voor je zijn?

Wie ben ik en wie is mijn eetstoornis?

Je bent niet je eetstoornis, maar een eetstoornis kan wel een groot deel van je identiteit overnemen. Die identiteit kan je zeker weer terugwinnen, opnieuw en verder ontwikkelen, maar als de stem van de eetstoornis ontzettend sterk is is het heel lastig om daar niet naar de luisteren. Mijn eetstoornis was mijn grote geheim, want anderen zouden het niet met m'n eetstoornis eens zijn. Dit lieten ze ook wel merken. Dat was zo'n ontzettende tweestrijd voor mij. M'n omgeving had gelijk dat ik niet naar mijn eetstoornis moest luisteren. Dat ik andere keuzes zou moeten maken. Ze probeerden mij daarmee te helpen en tot me door te dringen. Soms door heel streng te zijn. Met de sterke en beangstigende stem van de eetstoornis die daar recht tegenover stond voelde ik me vaak in het nauw gedreven. Een kat in het nauw maakt rare sprongen..

Regelmatig heb ik me afgevraagd of ik geen slecht mens was. Mijn eetstoornis liet mij liegen en bedriegen. Mijn eetstoornis maakte mij kwaad, boos en onuitstaanbaar op sommige momenten. Mijn eetstoornis boezemde mij angst in en liet mij vol wantrouwen naar de wereld om mij heen kijken. Zo ook naar de mensen die van mij hielden. De mensen die het beste met mij voor hadden. Kon ik die wel vertrouwen? Wat als ze m'n eetstoornis van me afnemen? Wat als ze mijn veiligheid wegnemen? Hou ik wel de controle? Wat als ik ze teleurstel? Waarom wordt er toch zo veel van me gevraagd? Waarom is alles zo tegenstrijdig? Het liefst had ik gewild dat niemand zich meer met mij had bemoeid. "Laat mij nou maar lekker." Het zou een hoop spanning en stress hebben gescheeld, maar uiteindelijk zou het me niet geholpen hebben en ben ik blij dat er voor mij gevochten is. Toch voelde het dankzij mijn eetstoornis wel eens alsof de mensen om me heen teveel waren. Een last waren.

Je kan je in dat geval afvragen of ze inderdaad een last voor jou of eigenlijk voor je eetstoornis waren? Achteraf weet ik dat het dat laatste is, maar ik ben wel degene geweest die al die emoties voelde. Ik ben wel degene geweest die die eetstoornis had. Het is heel pijnlijk om te merken dat je de mensen die voor je proberen te zorgen en die je proberen te helpen eigenlijk vervelend vindt, maar besef je dan dat jij dat niet bent, maar dat je eetstoornis je zo laat denken. Jij bent geen slecht mens. Niemand is tegen jou, maar wel tegen je eetstoornis.

Overprikkeld

Van nature ben ik al gevoelig voor prikkels. Daar kan je best je weg in leren vinden, maar in de tijd dat ik een eetstoornis had en ik op allerlei gebieden uit balans was leek die weg behoorlijk zoek. Het was alsof ik enorme voelsprieten op m'n hoofd had die elke kleine prikkels opvingen. Ook prikkels van mensen die in mijn buurt waren. Ik kon onwijs uitvallen naar m'n ouders of naar m'n broertje. "Kan je niet wat zachter adem halen?! Slurp niet zo! Kijk niet zo! Zit eens stil!" Dit was echt helemaal niet leuk. Je kan toch niet aan iemand vragen of diegene kan stoppen met ademhalen of hoesten of snotteren of ja, eigenlijk, bestaan, leven.

Dit had ik niet alleen thuis, maar ook in openbare ruimtes. De mensen om me heen waren me te veel. Niet alleen mensen die ik niet kende, maar dus ook de mensen van wie ik hield. Mijn vrienden, mijn broertje, mijn ouders. Ik kon m'n woede en frustratie haast niet inhouden. Nadat ik voor de zoveelste keer naar ze was uitgevallen besloot ik dat ik zelf maar beter weg kon uit de kamer of zette ik heel hard muziek op via de koptelefoon. Een iets betere oplossing, maar voor alsnog niet fijn voor de mensen om me heen. Zo boos als ik was en zo onaardig als ik deed, zo rot vond ik het van mezelf dat ik mijn naasten als te veel ervoer, maar wat kon ik erop dat moment aan doen?

Niet zo veel. Overprikkeld is overprikkeld. De ene persoon heeft daar meer last van dan de andere persoon. Wanneer je moe bent of niet lekker in je vel zit ben je een stuk prikkelbaarder. Daarnaast zal de diagnose ADD er bij mij ook wel een grote rol in hebben gespeeld. Ik ben nog steeds wel snel geprikkeld of overprikkeld. Ik stoor me nogsteeds wel eens aan andere mensen die een broodje eten of ja, ademhalen. Ik doe m'n best om dan niet te gaan zitten mokken, maar mezelf gewoon even af te sluiten door een muziekje op te zetten en ook goed aan te geven wat er aan de hand is. "Dit ligt niet aan jou hoor. Ik ben gewoon even overprikkeld of ik kan me niet concentreren." Als dit bij m'n vriend gebeurt geef ik hem een kus en dan weet hij dat het goed zit. Sommige dingen kun je niet voorkomen, maar dan is goede communicatie echt een must.

Eerst voor jezelf zorgen

In de blog 'mijn vriend heeft een depressie' schrijf ik over een relatie die ik had toen ik een stuk jonger was. Mijn vriend destijds had een depressie en ik zat zelf vol in mijn eetstoornis. We wilden elkaar helpen, maar waren ook bang om geholpen te worden. Dit resulteerde in een hoop spreekwoordelijk geduw en getrek waar we beide onzeker en prikkelbaar van werden. We hielden ons stevig vast aan onze relatie, maar hoe harder we knepen, hoe meer we kapot leken te maken. Het was geen gezonde situatie en uiteindelijk zijn we ook uit elkaar gegaan. Dat was heel pijnlijk, maar ook heel goed. We hadden de ruimte nodig om de zaken op een rijtje te zetten en op ons eigen leven te focussen in plaats van je helemaal te verliezen in een ander en jezelf daarmee te kort te doen.

Ik moet ook een beetje denken aan een blog die Nouska ooit schreef: Te veel voor anderen zorgen. Zo veel dat je jezelf helemaal wegcijfert. Hoewel je het helemaal niet zo wilt zien, maak je de ander tot een last voor jezelf. Wat dat betreft geldt een beetje dezelfde regel als in het vliegtuig. Als de zuurstofmaskers naar beneden komen moet je eerst jezelf helpen voordat je een ander helpt, anders ga je er allebei aan onderdoor. Vaker hoor ik in reacties, via het forum, op de chat of onze adviesmail vragen over hoe je een iemand met een bepaalde psychische aandoen het beste kan helpen. Of dat nou om een eetstoornis, angststoornis, depressie of wat dan ook gaat.

Het is ontzettend lief, zorgzaam en begrijpelijk dat je begaan bent met het welzijn van je naasten, maar het is wel belangrijk om jezelf daarbij niet uit het oog te verliezen. In mijn geval was het nodig om afstand te nemen, voor mezelf, maar dat is niet altijd noodzakelijk. Het is een beetje aan jou om aan te voelen wat goed voor je is. Wanneer je iemand anders helpt of spreekt die ook met bepaalde problemen worstelt is het logisch dat dat je niet in de koude kleren gaat zitten. Zorg daarom ook goed voor jezelf en laat goed voor je zorgen. Heb het over hoe jij je voelt met andere mensen en pas op dat je je grenzen niet voorbij gaat. Hoeveel je ook van iemand houdt, als jij er zelf aan onderdoor gaat heeft noch die ander noch jij daar iets aan.

Het betekent niet dat je iemand niet waardeert

In de eerste instantie ontstond er een onwijs conflict in mijn hoofd. "Ik wil dit niet voelen. Ik mag niet zo zijn. De ander verdient beter, maar ik kan het écht even niet hebben." 'Last' is natuurlijk niet zo'n fijn woord, maar het kan natuurlijk best zo zijn dat alles je even teveel wordt. Zelfs de mensen om je heen. Dat wil echter niet zeggen dat jij die mensen niet waardeert. Ik denk dat het goed is om ook te focussen op de dingen die juist wel fijn gaan tussen jullie. Sta stil bij die fijne momenten en plan af en toe iets leuks samen en laat alle zwaarwegende zaken voor een moment achterwege.

Het is ook heel fijn om je waardering voor iemand te laten blijken of benoemen. Soms kan je er even niks aan doen dat alles te veel wordt, zoals ik omschrijf in het stukje over overprikkeling. Ik ben nog steeds wel eens overprikkeld, maar probeer dat dan zo helder mogelijk te communiceren en toch een lief gebaar te geven zoals een kus, knuffel of glimlach. Soms moet ik mezelf daar echt even toe zetten, maar diep in mijn hart is dat zeker wel gemeend. Weet dat je ook altijd terug mag komen op dingen die je eerder hebt gezegd of gedaan. In het heetst van de strijd is het soms heel lastig om kalm te blijven, maar 'sorry' zeggen of uitleggen waarom iets liep zoals het liep mag altijd nog op elk moment. Een goede communicatie kan vaak echt al de helft schelen. Al eerder schreef ik de blog 'communiceren met je familie'. Daarin ga ik hier wat verder over door.

Helaas is het soms ook belangrijk om wat afstand te nemen en eerst voor jezelf te zorgen. Soms zijn er mensen in je leven waar jij heel graag van wilt houden, maar die er gewoon niet voor jou kunnen zijn om wat voor reden dan ook. Breken met de mensen van wie je houdt is verschrikkelijk, maar soms noodzakelijk. Verzamel mensen om je heen die van je houden en er voor je zijn. Zoveel als dat zij kunnen, want ook voor de mensen om je heen geldt dat ze goed voor zichzelf moeten zorgen. Probeer dat echter niet voor een ander in te vullen en durf er vanuit te gaan dat iemand zijn grenzen wel aangeeft. Twijfel je eraan? Vraag er dan naar. Mensen zijn best ingewikkelde wezens soms, maar invullen voor een ander gaat vaak ten koste van jezelf.

Ik weet dat een eetstoornis voor ontzettend veel verwarring kan zorgen. Wie staat nou aan wiens kant? Het was voor mij ook goed om te weten dat deze punten ook andersom konden gelden. Ik was soms ook te veel voor mijn omgeving, maar dat betekende niet dat ze niet van me hielden of dat dat altijd helemaal mijn schuld was.

Hoe ga jij hiermee om? 

 

Gerelateerde blogposts