Mijn leven als moeder van......Moeder van Debbie

(Debbie heeft mijn verhaal gelezen voordat het gepubliceerd is)

"Ja, ik wil mijn leven als moeder van... opschrijven en delen; mijn ervaringen, verdriet, pijn en gevoel van machteloosheid delen in de hoop andere ouders, verzorgers een hart onder de riem te kunnen steken.

Ik ben Jeannette Hoetelmans en de moeder van Debbie (29). Ik leef gescheiden van de vader van Debbie en ben hertrouwd met Piet, een geweldige man die mij ontzettend veel steun geeft. Naast Debbie heb ik nog een zoon, een schoondochter en een kleinzoon van 3. Daarnaast ben ik stiefmoeder voor de zoon en dochter van Piet en stiefschoonmoeder.

Debbie is geboren op 18 oktober 1979 en eigenlijk vanaf het begin een zorgenkindje geweest, klein en kwetsbaar... Ze heeft vanaf haar geboorte al problemen met eten gehad, ze was een zgn. "moeilijke" eter; Vanaf haar 5e jaar wilde ze al geen frietjes, kroketjes, chips enz.enz. eten; ik had niet in de gaten dat dit een eetprobleem was. Ook op het bureau werd dit zo niet gezien. Debbie hield wel van hartig...met koek of snoep kon je haar toen al niet blij maken, een stukje kaas of een worstje at ze toen nog wel.

Achteraf blijkt dat zij toen al een eetprobleem aan het ontwikkelen was wat voortkwam uit het feit dat zij enorm gepest werd op school. Dit werd weer gebagatelliseerd. Niemand nam dat serieus en zo sukkelde zij de lagere school door.

Ook op de Mavo hield het pesten aan, maakte zij nog wat mee en veranderde haar eetgedrag weer. Vaak was ik machteloos...zij at niet, klaar; wat ik ook klaar maakte, hoeveel zorg ik er ook aan gaf, het was nooit goed. Iedere dag opnieuw waren er ruzies over het eten. Dit lustte ze niet, dat wilde ze niet, af en toe was ik radeloos.

Steun had ik nergens, niemand die begreep dat ik me zorgen maakte; Debbie moest niet zo moeilijk doen en gewoon eten wat de pot schaft. Ook bij doktersbezoeken werd ik niet geloofd en gezien als een overbezorgde moeder.

De jaren op de Mavo waren niet leuk, voor haar niet maar ook voor mij als moeder niet; ik zag een eenzaam meisje. Echte vriendinnen had ze niet, door al het gepest sloot ze zich makkelijk af en maakte weinig tot geen contacten. Ze leefde in haar wereldje verder en de enige waarmee ze af en toe contact maakte was ik; ze voelde zich door mij begrepen. Ik heb haar ook altijd begrepen en geprobeerd haar te helpen, maar die hulp accepteerde zij niet altijd. Ik vond dat weer logisch, ze werd immers een puber en die zet zich af tegen haar moeder, een natuurlijk verloop (dacht ik). Maar owee, wat was de waarheid anders. Op haar 18e kreeg ze een minder prettig bericht en hier kon ze helemaal niet mee omgaan, het ging ten koste van haar studie (SPW4, die we tijdelijk stop gezet hebben) maar wat erger was..het ging ten koste van haarzelf.

DebbieOp een dag kwam ze uit de badkamer en wat ik toen zag was vreselijk...een meisje, zo mager, zo eenzaam, zo vol angst en verdriet.........hier is haar eetstoornis begonnen. Mijn hart sloeg een slag over van verdriet........nee, dit was niet mijn meisje, mijn dochter...dit was iemand anders. Ik heb haar vastgepakt en samen hebben we op de overloop een uur lang zitten huilen, alle frustraties kwamen los. Ik heb haar toen kunnen "bereiken" met mijn woorden, godzijdank was de eetstoornis toen nog niet zo sterk ontwikkeld en kon ik haar doen inzien dat het leven de moeite waard is, dat ZIJ de moeite waard is dit leven te leven.

Op dat moment kwam er een vriendje in haar leven en het leek er even op dat we het zouden gaan redden, dat de eetstoornis overwonnen was. Maar dit was uiterlijke schijn; Debbie was niet gelukkig, zij werd zowel geestelijk als lichamelijk mishandeld en ik stond erbij en keek er naar. Ik wist dat ze mishandeld werd maar zij ontkende alles dus kon ik haar niet helpen, deze keer was ik machteloos. Zij moest eerst zo sterk worden dat ze er uit zou willen stappen. Door haar steeds te laten voelen dat ik haar zou steunen, haar nooit alleen zou laten in deze ellende, dat ze zich voor mij niet hoefde te schamen is het haar gelukt uit de relatie te stappen.

Jammer genoeg kwam zij niet terug naar huis; haar zelfvertrouwen was dusdanig gekwetst dat ze op de vlucht sloeg voor zichzelf; ze ging op kamers en binnen de kortste keren was het weer zover; haar kwetsbaarheid, haar gevoeligheid had haar weer in de greep en zo kreeg ze een relatie met weer een verkeerde man, die haar geestelijk helemaal onder druk zette. Haar inkomen ging op aan zijn verslaving. Weer was ik er voor haar, nu samen met mijn man. Uiteindelijk koos ze voor zichzelf en is ze weggegaan bij deze man. Ze heeft toen een tijdje bij haar vader gewoond waarna ze weer zelfstandig een studiootje betrokken heeft.

Gelijk toen ze daar ging wonen wist ik dat het verkeerd zou gaan. Debbie was "kapot"; de mishandelingen waren niet verwerkt, de pesterijen waren niet verwerkt, Debbie had een totaal verkeerd beeld van zichzelf, totaal geen zelfvertrouwen en door hetgeen haar gezegd was wilde ze bewijzen dat ze het allemaal wel "alleen" kon; ze weigerde elke vorm van hulp.

Weer stond ik erbij en keer er naar; zij is volwassen, ik kan niets doen. Ik kan haar alleen maar laten voelen en weten dat ik er voor haar ben.

In die tijd kreeg ik steeds vaker het gevoel dat ze jaloers was op mij; dat ik niet gelukkig mocht zijn van haar, dat ze daar niet blij om kon zijn, niet mee om kon gaan. (dit gevoel gaf ze ook o.a. aan haar broer, aan mijn man). Ze was zelfs zo van streek en niet zichzelf dat ze beweerde dat mijn man tussen haar en mij instond, terwijl dit niet zo is, hij juist altijd voor haar klaar staat en haar zelfs in huis wilde nemen om haar verder te helpen. Maar haar beeld was zo verstoord, ze was zo bang dat ze me kwijt zou raken dat ze juist gedrag vertoonde waardoor ze mij kwijt zou raken, waardoor ik afstand moest nemen om mezelf te beschermen.

Als ik iets leuks meemaakte of kocht dan reageerde ze daar heel negatief op en moest ik niet net doen of ik belangrijk was. Juist omdat ik zo belangrijk voor haar was kon ze er niet mee omgaan dat er nog meer mensen zijn die van me houden. Ik was belangrijk voor haar dus was zij belangrijk voor mij....zo werkte dat in haar gedachtegang. Ik heb haar een aantal keren duidelijk gemaakt dat zij heel belangrijk is voor mij, dat ik er trots op ben dat ze mijn dochter is maar dat ik ook van Piet houd, van de andere kinderen, van Jesse mijn kleinzoon. Ze was jaloers, jaloers omdat ze niet met haar gevoel overweg kon.

In maart 2008 merkte ik dat ze begon te liegen en dingen ging verdraaien en verdoezelen; soms voelde ik me niet welkom in haar studiootje, dan weer werd ik als een magneet naar haar toegetrokken. Het was een magneet, ze trok me naar zich toe maar stootte me evengoed weer af als ik te dicht bij kwam; ze had door dat ik de waarheid wist, dat ik voelde waar ze mee bezig was. Als ik haar zei dat ik vond dat ze mager werd, dan moest ik niet zeuren of was het de stress. Ook van andere mensen, van haar broer, van mijn man, van niemand wilde ze horen dat ze mager werd en dat we bezorgd waren.

Het was allemaal stress en "het komt wel goed" was haar standaard antwoord. Ik maakte me zorgen, ging zo vaak mogelijk naar haar toe of liet haar naar ons toe komen.

Op een gegeven moment merkte ik dat ze weg bleef en ik vroeg haar de reden. Een antwoord kreeg ik niet. Ik ging haar nog beter in de gaten houden en ineens kreeg ik door waarom ze niet meer bij ons kwam, niet meer naar andere ging; het was "het eten"!!! Als ze thuis was kon ze doen en laten wat ze wilde, er was geen controle, ze woont alleen. Zo gauw er iemand in haar buurt was voelde ze zich wel gecontroleerd en dat wilde ze dus absoluut niet. Anorexia heeft haar vanaf dat moment volledig in haar macht.

Zelfs boodschappen doen ging niet meer; haar handen mochten geen eten aanraken, daar werd ze dik van! Mijn hart huilde en mijn ogen gaven het water.........ik voelde me zo schuldig en machteloos.....wat was haar aangedaan! Inmiddels ben ik dat schuldgevoel kwijt..........ik weet dat ik er niets aan kan doen, het is haar aangedaan en zij is een te kwetsbaar en gevoelig persoontje, zij heeft het zichzelf aan laten doen. Dat wil niet zeggen dat ik maar op de zijlijn ben gaan staan; ik ben gaan vechten voor mijn kind zoals een leeuwin voor haar welp doet.

Ik heb haar meegenomen naar huis, wij hebben haar in huis gehaald. Op dat moment was ze al in een risicofase terecht gekomen. Ze had een dusdanig ondergewicht dat iedere inspanning fataal kon zijn. Het bereikte haar niet, het maakte mijn zorgen alleen maar groter.

Godzijdank wilde ze nu wel hulp alhoewel ze het gevaar niet inzag.....apathisch onderging ze alles. Niets of niemand kon haar bereiken. Ik ben in die dagen zo verschrikkelijk bang geweest, bang haar te verliezen en dood aan te treffen in haar bed. Iedere dag opnieuw stond ik met angst op; wat zou deze dag ons brengen.

Uiteindelijk werd ze op 25 november opgenomen in de Jan Wier te Tilburg; dit werd mij en mijn man niet in dank afgenomen; ze verzette zich stevig tegen ons en tegen de verzorgers/verpleging/behandelaars. Ze gebruikte mij als uitlaatklep en kon uitermate te keer gaan tegen mij, ze zette zich volledig tegen mij af. Ik ben sterk gebleven dankzij de steun van mijn man, van alle kinderen en zelfs van mijn kleinzoon, die mij af en toe een extra knuffel kwam geven. Zo klein hij is wist hij dat er "iets" was met oma. Dit alles gaf mij steeds weer de kracht en de energie om naar Tilburg te gaan en haar telefoontjes te beantwoorden. Nooit, maar dan ook nooit, heb ik haar alleen gelaten in haar gevecht. Ik zorgde er steeds voor dat ze bezoek had, dat ze voelde dat er meer mensen om haar geven, van haar houden; dat ze niet alleen staat in dit gevecht. Het werd me niet in dankbaarheid afgenomen en desondanks stootte ze toch weer mensen van zich af. Dit was haar keus en dat moest ik accepteren en respecteren.

Ik voelde steeds dat ze de ziekte niet aan het overwinnen is; haar gedrag in de weekenden veranderde iedere week. Ik voelde dat er meer was en ja ze was bezig geweest met medicijnen te sparen, een voorbereiding tot een zelfmoord....dit hakte er diep in, bij mij maar ook bij de rest van het gezin. Ook zij hebben al het mogelijke gedaan, ook zij houden constant rekening met Debbie en dan dit...........dat doet pijn, heel veel pijn. Nu werd bevestigd waar ik zo bang voor ben geweest........Debbie is moe, Debbie is op en Ana gaat de strijd winnen.

We hebben hierover gepraat maar ik heb steeds het gevoel gehad dat ik haar niet kon bereiken en nog niet helemaal bereik. Soms heb ik nog de twijfel, soms heb ik nog het gevoel dat ze liever dood is, hoe hard dit ook is, voor ons maar zeker voor haar. Duidelijkheid krijgen we niet, ze verzwijgt iets voor ons. Dit moeten we ook weer accepteren en respecteren; het is haar leven, haar keuze, haar verantwoordelijkheid, hoe moeilijk te accepteren dit ook is.

Soms voelde ik me te moe om met haar mee te gaan, soms werd ik opstandig van alles, dan weer machteloos en dan weer vol strijd. Het was (en is) een wirwar van gevoelens. Ik moet door, dat is het enige wat steeds in me op kwam/op komt.

Ik houd mezelf in deze tijd overeind door mijn gevoelens in gedichtvorm op te schrijven en door er over te praten. Debbie is 6 ½ maand in de Jan Wier geweest en toen kwam het moment dat ze naar huis kwam, 2 juni 2009. Ik voelde dat ze er absoluut niet klaar voor is maar zij wil het zo.....ik moet het weer accepteren.Debbie

In de eerste weken na haar ontslag is ze bij ons geweest maar voor haar werkt dit niet. Ze doet haar best, ze werkt keihard maar ze is uiteindelijk toch weer liever alleen, in haar eigen huisje waar zij de wetten bepaalt.

Eten bij anderen wordt weer moeilijk; ze doet weer haar best dit te kunnen ontlopen. Ook bij ons komt ze weer minder vaak. Ze wil de controle over zichzelf houden en geeft deze niet uit handen.

Ze vecht maar probeert het weer alleen te doen. Ze heeft zoveel te verwerken, ze moet zoveel een plaatsje geven, dit gevecht kan ze niet alleen. Ze is nog steeds bezig zichzelf te bewijzen, te bewijzen dat ze het wel alleen kan. In een van haar relaties is haar gezegd dat ze niks alleen kan, dat ze waardeloos is en niks waard. Dit zit zo vast gebeiteld in haar hoofd dat ze dit niet van zich af kan zetten.

Ze hoeft het niet alleen te doen, ze hoeft zich niet te schamen. Ik, Piet en nog zoveel andere mensen hebben haar hulp en steun toegezegd, wilde ze dit maar eens accepteren zoals wij haar ziekte moeten accepteren. Soms voel ik me dan weer zo machteloos bij het zien van het eenzame verdrietige meisje en dan vraag ik om hulp van bovenaf: " Help haar weer te lachen en geef mij mijn dochter terug."

Al bij al is ze nu weer zo'n 7 weken thuis, bijna 1 ½ kilo afgevallen en gaan we verder met de strijd. Zelf ziet ze niet dat ze weer mager wordt, haar zelfbeeld is nog totaal verstoord. Ik moet moeite doen haar te vertrouwen, ik zie haar afvallen terwijl ze zgn. normaal eet.

Ik, haar moeder, zal er altijd voor haar zijn, zal haar blijven steunen en liefde blijven geven en ik zal eeuwig dankbaar zijn als mijn beloning voor al mijn liefde, kracht, steun en begrip een lach op haar gezicht zal zijn en een gewicht waar mee te leven valt.

Ik ben trots op Debbie, trots op hetgeen ze tot nu toe bereikt heeft in haar gevecht tegen de anorexia, maar ook trots op hetgeen ze in haar verdere leven bereikt heeft en ik hoop uit de grond van mijn hart dat Debbie de anorexia overwint en de "kleuren" van het leven weer gaat zien.

Graag kom ik nog een keer terug om mijn verhaal af te maken, hoe de ontwikkelingen ook zullen zijn.

Liefs en kracht voor alle ouders, verzorgers van een anorexia-patient

Jeannette Hoetelmans - Korebrits

Reageren? Klik HIER